KenniscentrumZiekte/aandoening › Beroerte (CVA) › Een beroerte (CVA)

Een beroerte (CVA)

Herseninfarct en hersenbloeding

Bij een beroerte (of CVA) en bij een TIA gaat er iets mis met de bloedvaten in de hersenen. Een deel van de hersenen krijgt enige tijd geen zuurstof waardoor plotseling uitvalsverschijnselen optreden.
De termen hersenbloeding, herseninfarct, TIA en beroerte worden vaak door elkaar gebruikt. De verschijnselen zijn gelijk, maar de oorzaken en gevolgen niet.

Beroerte (CVA)

CVA staat voor Cerebro Vasculair Accident. Vrij vertaald betekent dit 'een ongeluk in de bloedvaten van de hersenen'. Een beroerte of CVA is een verzamelnaam voor de verschijnselen die herseninfarct en hersenbloeding heten. Het meest kenmerkend aan een beroerte is dat de klachten plotseling optreden.
Er kan bij een beroerte sprake zijn van twee problemen in de hersenen:
  • Herseninfarct
    Er raakt een bloedvat bijvoorbeeld door een bloedprop verstopt. Daardoor kan er geen bloed meer naar de hersenen.
  • Hersenbloeding:
    Er barst een bloedvat open. Ook dan krijgt een deel van de hersenen geen of te weinig bloed. Hersencellen beschadigen of sterven af.
CVA bloeding versus infarct
Jaarlijks krijgen in Nederland circa 46.000 mensen een CVA. Dat zijn ruim 100 mensen per dag. Een herseninfarct komt vaker voor dan een hersenbloeding. Acht van de tien mensen met een beroerte hebben een herseninfarct. Twee van de tien mensen hebben een hersenbloeding.
Een kwart van de mensen die een beroerte krijgen, heeft daarvoor een TIA gehad. Dat is een tijdelijke stoornis in de doorstroming van het bloed. 

Oorzaken herseninfarct

De oorzaken van een TIA en een herseninfarct zijn hetzelfde. De meest voorkomende oorzaken zijn aderverkalking (arteriosclerose) en hartritmestoornissen. Door de aderverkalking kan een ernstige vernauwing optreden van de halsslagader die de hersenen van bloed voorzien. Hoge bloeddruk, diabetes mellitus (suikerziekte) en een verhoogd cholesterol zijn risicofactoren voor het ontstaan van een beroerte. Bij bepaalde hartritmestoornissen kan er soms in het hart een stolsel ontstaan. Dit stolsel kan losraken en zo via een slagader in het hoofd terechtkomen. Dit komt vooral voor bij mensen met een onregelmatig hartritme.

Herken de signalen van een beroerte: Mond Spraak Arm

De drie signalen van een beroerte (bron: hartstichting)
De volgende symptomen kunnen wijzen op een beroerte:
  • Mond: vraag aan de persoon om te lachen of de tanden te laten zien. Als de mond scheef staat of een mondhoek naar beneden hangt, kan dit duiden op een beroerte.
  • Spraak: vraag aan de persoon of aan omstanders of er verandering in het spreken is opgetreden. Als de persoon onduidelijk begon te spreken of niet meer uit zijn woorden kon komen, kan dit duiden op een beroerte.
  • Arm: vraag aan de persoon om beide armen op te tillen en voor zich uit te strekken met de handpalm naar boven. Als een arm wegzakt of zwaait kan dit duiden op een beroerte. Het beste is om de persoon te vragen daarbij de ogen te sluiten. Dit voorkomt dat gaat corrigeren als een arm begint weg te zakken.
Doet minimaal één van deze verschijnselen zich voor, handel dan direct en bel 112. Hoe eerder een CVA behandeld wordt, hoe meer kans op herstel. Geef ook door aan 112 hoe laat de verschijnselen begonnen.

Andere symptomen

  • Een been raakt verlamd of verzwakt.
  • De persoon begrijpt niet wat anderen zeggen.
  • De persoon kan niets zien of ziet wazig met één oog.
  • De persoon heeft plotselinge zware hoofdpijn.
  • De persoon is duizelig en valt makkelijk.
  • De persoon heeft moeite met eten en slikken.
  • De persoon is misselijk, moet overgeven of krijgt een epileptische aanval.
  • De persoon heeft gevoelsstoornissen of tintelingen, meestal aan een kant van het lichaam.


Diagnose

Aan de buitenkant is niet te zien of iemand een herseninfarct of hersenbloeding heeft. De onderzoeken die direct bij aankomst in het ziekenhuis gedaan worden zijn:
  • Lichamelijk onderzoek en onderzoek van de vitale functies.
  • Onderzoek om vast te stellen of er problemen zijn met bewegen, voelen en zien.
  • CT-scan: dit wordt het meest gedaan, omdat een CT-scan overal aanwezig is en hiermee snel en makkelijk duidelijk is of iemand een herseninfarct of hersenbloeding heeft.
  • MRI-scan: bij twijfel maakt de neuroloog een MRI.
In de dagen na een beroerte krijgt iemand vervolgonderzoeken van de hersenen en het hart. Want bijvoorbeeld ook hartritmestoornissen kunnen de oorzaak zijn van een beroerte.

Opname in het ziekenhuis

Patiënten met (verdenking op) een beroerte komen via de Spoedeisende Hulp binnen in het ziekenhuis en worden opgenomen op de Stroke Care Unit (SCU). Hier worden uw lichaamsfuncties bewaakt. Als de toestand van de patiënt stabiel is, verhuist de patiënt naar de verpleegafdeling.
In het ziekenhuis krijgt een CVA-patiënt de informatiemap 'Na een beroerte'. Hierin staat alle relevante informatie voor patiënten en hun naasten.

Behandeling

De behandeling van een beroerte is te onderscheiden in drie fasen: de acute fase, de revalidatiefase en de chronische fase.

Behandeling herseninfarct


Trombolyse
Door het toedienen van medicatie via een infuus wordt geprobeerd om het bloedstolsel dat het infarct heeft veroorzaakt op te lossen. Daardoor worden de gevolgen van het herseninfarct zo veel mogelijk beperkt. Trombolyse moet zo snel mogelijk na de eerste verschijnselen worden gestart. Er zijn strenge eisen verbonden aan het geven van trombolyse. Daardoor komt niet iedereen in aanmerking voor deze behandeling. De neuroloog bepaalt of trombolyse zinvol is.

Behandeling in Rijnstate
Bij sommige patiënten kan zo snel mogelijk na het ontstaan van het herseninfarct een behandeling in de grote slagaders van de hersenen plaatsvinden (intra-arteriële trombolyse en/of trombectomie). Daarbij wordt het stolsel uit de hersenen verwijderd. Daarvoor kan de neuroloog een patiënt met spoed verwijzen naar Rijnstate in Arnhem, waarmee een nauwe samenwerking bestaat.

Carotisstenose: slagaderverkalking in de halsslagader

De halsslagaders voorzien de hersenen van bloed. Een vernauwing in een halsslagader kan ontstaan door slagaderverkalking. Dit wordt ook wel carotisstenose genoemd. U merkt meestal niets van een vernauwing, totdat er een bloedstolsel ontstaat in de vernauwing. Een stukje van dit stolsel kan loslaten en met het bloed mee stromen de bloedsomloop van de hersenen in. Als het stolsel uiteindelijk vastloopt in één van de vertakkingen is er sprake van een TIA of beroerte.
Er kan een operatie nodig zijn aan de vernauwde halsslagader: de carotisendarteriëctomie (Kenniscentrum Vaatchirurgie).

Behandeling hersenbloeding

  • Als u een hersenbloeding heeft gehad, is (bed)rust de eerste paar dagen erg belangrijk.
  • Pijnstilling (meestal tegen de hoofdpijn).
  • Medicijnen, bijvoorbeeld tegen hoge bloeddruk.
Na een herseninfarct of TIA moet een patiënt levenslang bloedverdunners gebruiken om het risico op een nieuwe TIA of beroerte zo klein mogelijk te houden. Een patiënt met een hersenbloeding mag in principe geen bloedverdunners gebruiken, omdat hierdoor de hersenbloeding zich kan uitbreiden of een nieuwe hersenbloeding kan ontstaan.

Revalidatie

Na de eerste, acute fase gaat de patiënt meestal revalideren. De revalidatie start zo snel mogelijk na de beroerte, het liefst binnen 24 uur na een CVA. Revalidatie na ziekenhuisopname kan thuis gebeuren, maar ook in een verpleeghuis of revalidatiecentrum. Bij de behandeling zijn veel zorgverleners betrokken: neurologen, revalidatieartsen, fysiotherapeuten, logopedisten, verpleegkundigen, ergotherapeuten, psychologen en de eigen huisarts. De verpleegkundige van de CVA-nazorgpolikliniek begeleidt de patiënt en naasten na ontslag uit het ziekenhuis. Hierbij is er aandacht voor zichtbare en niet-zichtbare gevolgen van de beroerte.

Samenwerking 

Een CVA-patiënt krijgt met verschillende behandelaars en zorgverleners te maken in het ziekenhuis. Alle betrokkenen overleggen met elkaar en stemmen de behandeling met elkaar af. Het Slingeland is aangesloten bij de Stroke Service West Achterhoek. De Stroke Service is een samenwerkingsverband van zorgaanbieders met als doel het bieden van de best mogelijke zorg voor mensen met een beroerte. Daarnaast bestaat er een intensieve samenwerking binnen de regio met de betrokken ziekenhuizen en overige zorgverleners als onderdeel van de Regionale Acute Zorg (ROAZ).

Nazorgpolikliniek

De gevolgen van een beroerte kunnen veelomvattend zijn. Omgaan met een ziekte als een CVA levert vaak vele kleine, maar ook grote problemen op. Het gaat dan onder andere om lichamelijke, cognitieve en emotionele beperkingen. En ook het omgaan met de nieuwe situatie, het afhankelijk zijn van de hulp van anderen en veranderingen in de persoonlijkheid van de patiënt. Voor veel mensen die zijn getroffen door een CVA worden de problemen pas in de thuissituatie duidelijk. De CVA-patiënt en diens naasten kunnen geconfronteerd worden met beperkingen en problemen.
De situatie na een CVA of TIA kan veel vragen oproepen. Mensen voelen zich soms onzeker of angstig. Met deze vragen kan men terecht bij de verpleegkundige van de nazorgpolikliniek CVA/TIA.

Meer informatie

Folders

Patiëntenverenigingen

Overig verenigingen

Filmpje ‘Wat is een beroerte?’





Deel deze pagina: