KenniscentrumOnderzoeken › Lumbaalpunctie › Ruggenprik (lumbaalpunctie)
Patiëntenfolders

Ruggenprik (lumbaalpunctie)


Lumbaal punctieDe resultaten van andere onderzoeken of uw klachten kunnen voor de medisch specialist aanleiding zijn om een lumbaalpunctie (oftewel ruggenprik) te doen. De lumbaalpunctie is een onderzoek waarbij de neuroloog wat hersenvocht (liquor) uit de wervelkolom onderin de rug haalt. In de wervelkolom loopt het ruggenmerg. Rondom het ruggenmerg is een soort holte gevuld met hersenvocht. Door dit vocht te onderzoeken krijgt de arts informatie over ziekten van de hersenen, het ruggenmerg en de zenuwwortels.

Werkwijze

De neuroloog prikt met een dunne holle naald tussen de lendenwervels in de onderrug. Er wordt niet in het ruggenmerg zelf geprikt. De prik door de huid doet soms wat pijn, maar het afnemen van het vocht is niet pijnlijk. Het onderzoek duurt ongeveer vijftien minuten. In het algemeen is een lumbale punctie een veilige en weinig belastende handeling.
Het hersenvocht wordt in het laboratorium onderzocht. De uitslag krijgt de patiënt van zijn behandelend arts.

Complicaties

Bij 5 tot 15 procent van de patiënten kan na het prikken hoofdpijn optreden. Dit is het gevolg van het nalekken van ruggenmergsvloeistof door het prikgaatje. Deze hoofdpijn geeft liggend weinig klachten en kan bij overeind komen zeer hinderlijk zijn. Vaak gaat deze vanzelf over. Soms is bedrust, pijnstilling en/of een zogenoemde bloodpatch (lokaal steriel inspuiten van eigen bloed om het lekje te dichten) noodzakelijk.
Wanneer een patiënt geen stollingsstoornis heeft en de neuroloog zorgt voor de juiste techniek en steriele omstandigheden, is de kans op een infectie, bloeding of beschadiging door de naald zeer klein.

Folder

Er is een folder beschikbaar over dit onderzoek: Folder lumbaalpunctie.




Deel deze pagina: