KenniscentrumZiekte/aandoening › Hersenvliesontsteking › Hersenvliesontsteking

Hersenvliesontsteking

Meningitis

Hersenvliesontsteking of meningitis is een ontsteking van de vliezen die rondom de hersenen en het ruggenmerg zitten. Meestal is een bacterie of virus de oorzaak van hersenvliesontsteking. Hersenvliesontsteking door een bacteriële infectie kan gevaarlijk zijn. Het kan leiden tot een coma, hersenbeschadiging of overlijden. Een op de vijf mensen houdt er ernstige klachten aan over. Hersenvliesontsteking komt in Nederland ongeveer 700 keer per jaar voor, vooral bij baby’s, kinderen onder de vijf jaar en volwassenen met een verminderde weerstand.

Symptomen

De eerste symptomen van hersenvliesontsteking lijken op griep. Klachten kunnen zijn:
  • Koorts en hoofdpijn;
  • Overgeven;
  • Sufheid of bewusteloosheid;
  • Stijve nek;
  • Epileptische aanval;
  • Soms rode en paarse vlekjes op de huid;

Baby's

Bij pasgeboren baby’s zijn de verschijnselen moeilijker te herkennen. Vaak zijn ze prikkelbaar of juist lusteloos. Ze hebben vaak geen koorts of stijve nek. Ook kan de temperatuur juist lager zijn dan normaal. Het kind zal elk uur zieker worden en kan binnen een dag bewusteloos raken. Het is daarom belangrijk meteen contact met een arts te zoeken bij de volgende symptomen:
  • Niet willen eten;
  • Moeilijk wakker worden;
  • Prikkelbaar zijn;
  • Schel huilen;
  • Spugen;
  • Er grauw uitzien;
  • De beentjes doen pijn bij het verschonen.

Oorzaak

Een infectie is de oorzaak van hersenvliesontsteking. Die wordt veroorzaakt door een bacterie of virus, die tot in de hersenen doordringt. Bij pasgeboren baby’s kan dat gebeuren tijdens de bevalling of door een koortslip of door virussen als waterpokken, griep, hiv of de ziekte van Pfeiffer.
Ook volwassenen (vaak mensen met een slechte weerstand) kunnen hersenvliesontsteking krijgen. Vaak duurt het wel een maand of langer voordat de ontsteking zich openbaart. De oorzaken bij volwassenen kunnen zijn:
  • Bacteriën die na een val, operatie of ernstige bloedvergiftiging de hersenen binnendringen.
  • Een verminderde weerstand door bij bijvoorbeeld Hiv of chemotherapie of andere medicijnen die de weerstand verlagen;
  • Ziekte van Lyme;
  • Infecties in het hoofd- halsgebied.

Diagnose

Een arts onderzoekt een patiënt eerst op nekkramp, dat een symptoom kan zijn van hersenvliesontsteking. Ook meet de arts de hartslag, ademhaling en lichaamstemperatuur. Bij een baby bekijkt hij ook de zachte plekken op het hoofd, de fontanellen. Bij een ontsteking kan de huid van het kind op die plek strak en bol staan. 
Wanneer de arts hersenvliesontsteking vermoedt, is onderzoek van het hersenvocht nodig om de diagnose met zekerheid vast te stellen. De arts onderzoekt dit met een ruggenprik (lumbaalpunctie), omdat het hersenvocht ook in verbinding staat met het ruggenmergvocht. Met een naald neemt de specialist een klein beetje vocht af, dat in het laboratorium wordt onderzocht. Als het om hersenvliesontsteking gaat, maakt het onderzoek ook duidelijk of een virus of bacterie de oorzaak van de ontsteking is.
Heel af en toe hebben mensen met hersenvliesontsteking ook een ontsteking aan de hersenen (encefalitis).
Vijf tot tien van de honderd mensen met hersenvliesontsteking overlijdt. Bij baby’s is de kans op overlijden nog groter: 1 op de drie met hersenvliesontsteking redt het niet.

Behandeling

Na de diagnose start een arts direct met een antibioticakuur en een ontstekingsremmend middel. Wanneer duidelijk is om welke bacterie het gaat, schrijft de arts een specifiek antibioticum voor.
Als de infectie veroorzaakt wordt door specifieke bacteriën (zoals bijvoorbeeld de meningokok), krijgen mensen uit de omgeving uit voorzorg ook een antibioticum voorgeschreven.

Na de ontsteking

Een op de vijf mensen die hersenvliesontsteking door een bacterie heeft gekregen, houdt ernstige klachten over aan de ziekte. Bij pasgeboren baby’s is aantal nog iets hoger. Het kan gaat om klachten als:
  • Gehoorproblemen of doofheid;
  • Problemen met zien of blindheid;
  • Spasticiteit (ongecontroleerde bewegingen door hoge spierspanning);
  • Verstandelijke handicap;
  • Epilepsie;
  • Een waterhoofd bij baby’s;
  • Concentratie-, leer- en/of geheugenproblemen;
  • Gedragsproblemen;
  • Hoofdpijn;
  • Evenwichtsproblemen;
  • Minder spierkracht;
  • Overgevoeligheid voor licht en geluid.
De meeste mensen die ziek zijn geworden door een virus, genezen zonder blijvende klachten. Sommigen houden er wel klachten aan over, zoals:
  • hoofdpijn
  • duizeligheid
  • spierpijn
  • vermoeidheid
  • nekpijn
  • problemen met de concentratie, gedrag, geheugen of leren.
Mensen die zowel een hersenvliesontsteking als een hersenontsteking (encefalitis) hebben, houden vaak ernstige klachten over die niet meer overgaan. Het kan gaan om een taalstoornis (afasie), geheugenstoornissen en epilepsie.

Meer informatie

Patiëntenverenigingen




Deel deze pagina: